Zeppo
woensdag, september 26
When the going gets...
Vroeger, laten we zeggen tot gisteren, was mijn credo: when the going gets tough, the tough go shopping. Rotdag op het werk? Ruzie met mijn moeder? Er even helemaal doorheen? Shoppen! Niet in onverantwoorde hoeveelheden, schuldsanering, voedeselbank hoor. Maar wel op een manier waar ik zat van was.
Heb ik eindelijk dat niet roken onder de knie (al bijna een half jaar!), shop ik weer meer dan me aanstaat.
Dus stel ik mezelf een uitdaging.
Een weddenschap.
Een, dat kan jij best, dat gaat jou helemaal lukken.
Een maand lang koop ik helemaal niks. Geen tijdschriftje, geen lippenstifje, geen 'ach kijk eens hoe schattig' tweedehands marktplaats jurkje voor Lies, geen uitverkoop schoenen, geen 'is toch handig' extra keukenschaal en al helemaal geen vierendertigste ketting met bijpassende armband.
Tot 27 oktober geef ik geen cent uit.
dinsdag, september 25
en dan dat lopen,
voordat je het vraagt (het ís inmiddels een beetje de standaard vraag geworden namelijk), nee ze loopt nog niet.
Niet los in ieder geval, dus officieel loopt ze niet.
Ze heeft ooit eens, een week of wat geleden, zomaar een paar keer een paar stapjes los gelopen, maar om de één of andere reden was het toch niet van je dat en klaar was ze weer. Met haar loopwagentje loopt ze wel. Van de parkeergarage naar de HEMA, van de HEMA naar de AH waar ze onder de speaker een 'schud je billen' dansje doet, met één hand aan haar wagentje.
Wat leuk is, maar geen loopdiploma oplevert. Tweeduizendacht. Zelf hoop ik op haar derde verjaardag, 18 mei 2008, maar zeker weten doe ik niks...
Waarom andermans kinderen altijd vervelender zijn*
Kijk, mijn kind is niet echt een voorbeeldkind. De opvoeding schiet nu (2 jaar, 4 maanden) al ernstig tekort. In haar leven zijn teveel verworven rechten. Zo is het normaal dat ze een dvd minimaal twee keer mag zien. Krijgt ze nooit iets voorgeschoteld wat ze niet lust. En als ze in de Ikea een half uur op een bank wil spelen, wacht haar moeder geduldig de volle dertig minuten op de kipla, kapla, of hoe die dingen ook heten.
Dat vind ik namelijk allemaal niet erg.
Het zijn dingen die X. (kind van een ander die wel eens bij mij komt) nooit zou mogen. Braaf kind is het. Braaf kind dat om de vijf minuten vraagt wat ik Zeppo ergens van vindt. 'Zeppooooo, zal ik die bloem rood kleuren of oranje?'. Zodat ik haar na een uur al braaf en al op de stoep wil pleuren. 'Hou nou eens even vijf minuten je mond!' gilt mijn hoofd.
Kijk, dat doet mijn kind niet. Dat heb ik er al lang uitgeslagen (overdrachtelijk he, overdrachtelijk, geen fysiek geweld). Net zoals de moeder van X. haar heeft geleerd om met de pot mee te eten.
Omdat je dat belangrijk vindt.
*vanzelfsprekend, beste lezer, gaat het hier niet over jouw kind, jouw kind is minstens net zo leuk als mijn kind.
Gezellig
'Ik wil een cafe waar ik op vrijdag heen kan', jammert een vriendin. Het betreft hier een jammering die je niet al te letterlijk moet nemen. 'T is niet dat ze er niet heen kan, 't is alleen dat ze geen cafe heeft waar het moeiteloos gezellig en bekend is. 'Where everybody knows your name' enzo.
'Dat heb ik op het werk' zeg ik. Wat natuurlijk niet kan volgens haar en heel iets anders is volgens haar en waar ze dan ook wel weer gelijk in heeft, maar toch.
De 'heee Zeppooos' zijn er niet van de lucht, we zwoegen ons door drukke dagen, lullen ons door de saaie en het is gezellig.
Zo nu en dan kruipt de gezonde ambitie weer omhoog en kijk ik een vacature. Per slot van rekening kan ik wel een stapje verder inmiddels. Maar ja, dan is het weer gezellig.
(wat zong die frank boeien ook al weer? geluk geluk is een hangmat waarin je, lui ligt in een wezenloze stilte..... precies! tot niks kom je!)
woensdag, augustus 22
Nee'Schrijft u maar een mailtje' zei ze. Don't call us, we call you enzo. 'Nee', zei ik. 'Nee ik schrijf geen mailtje. Ik heb om 12 uur gebeld en toen moest ik om 2 uur weer bellen en toen heb ik een kwartier aan de lijn gehangen en nu ben ik doorverbonden met u en dus nee, ik schrijf géén mailtje'.
Waarop ik werd doorverbonden met de juiste persoon.
Ha! Tegen eigen collega's doe ik dat niet hoor. Een toon aanslaan. Zelfs geen toontje. Voor je het weet ben je lastig enzo en pas je niet bij de cultuur want 'zo doen wij de dingen hier niet'.
Maar goed. Moet je maar geen ambtenaar worden.
Lies is duidelijk nog niet klaar voor de publieke sector. Nadat ik één wokkel van haar schaaltje had genomen, stak ze, onverwacht snel, haar hand praktisch tot in mijn keel. 'Jips Líes!' dreigde de toon.
En dat moet ik haar nu weer gaan afleren.
vrijdag, augustus 3
WinkelenIk had Lies strategisch geparkeerd. Buiten grijpafstand van de verse soepstengels. Niet in de doorgaande route. In het zicht. Dus ik kon wel even door het brood browsen.
Hoor ik uit mijn oorhoek iemand vragen ‘lust jij ook een krentenbol lieverd?’ Brooddame aan Lies. Snel en vriendelijk –vooral niet ondankbaar zijn -probeer ik het bij te sturen richting bruin bolletje. Niet uit verantwoord ouderschap, maar omdat Lies broodjes met ‘stukjes’ wel eens direct zo ver mogelijk uit de wagen wil zwaaien.
Helaas. De krentenbol wordt al overhandigd. ‘Ik heb niks anders’ zegt ze. Lies geeft de bol na één blik godzijdank keurig aan mama en laat zich ondertussen ongekend geduldig over het haar aaien door de brooddame die 'misschien is er de volgende keer wel een zak bruine bollen stuk' zegt.
Ah! Vandaar! Anders krijgen we nooit een bolletje in een grote Albert Hein. Zomerzegels, bonuskorting, airmiles opbouw; alles willen ze je geven bij de grootgrutter, maar een bolletje voor de kleintjes daar beginnen ze echt niet aan. Collega brooddame draait ondertussen met de ogen en maakt ‘ze is niet goed bij haar hoofd’ gebaren in mijn richting.
Tja, standaard is anders. Maar ben je beter bij je hoofd als je een stukgeraakte zak bolletjes in de vuilniszak kiept? Het is in ieder geval niet vrolijker. Dus lach ik mijn breedste lach. Mijn breedste lach met een mond vol krentebol.
dinsdag, juli 3
Vakantie...3/7 Vroeger, vroeger wilde ik vooral zien op vakantie, zien, zien en meer zien. Niet genoeg landen, steden, musea om de dagen mee te vullen. Daarna kwam de zucht naar luxe. Met de taxi door Londen zoefen enzo. En nu? Nu is er alleen maar de zucht naar tijd.
Ik voor het raam in ons huurhuis. Laptop op de grote tafel. Uitzicht op schapen, daarachter paarden en nog verder, het bos. Lief leest een boek. Lies speelt met haar vanochtend gekregen serviesje. 'Oooh moooooooi' verzuchtte ze vanuit haar tenen, toen ze, knalgele deksel in ene hand en felrose pan in de andere, ontdekte dat de deksel ook daadwerkelijk ván de pan kon. Eén euro negenennegentig plastic plezier.
We hebben alle tijd. We zijn op vakantie.
5/7 'Wat doen jullie zoal?', vraagt
fotok. Tja, de dagen vliegen, maar wat dóen we? Vanochtend weet ik nog, toen ging Lies met lief naar peuterzwem. Klein vrouwtje was ze. Blauw-wit gestreept badpak met pijpjes, haltertje, gestrikte touwtjes en natte krullen in de nek.
Ik keek, zwaaide, en las de Volkskrant kaft tot kaft.
6/7 Gisteravond.
Zonnetje. Fietsen. Wad.
Vogels, licht en water. Hemels.
Een steigertje liep het water in. Quintessential (is daar ook goed nederlands woord voor?) vakantie. Voorbij gefietst. Steigertje hangen pavlovt nog te veel: sigaret roken. Hangen, kijken, roken. Ik voelde mijn handen een fantoom sigaret beweging maken. Doorfietsen Zeppo, doorfietsen!
Vandaag alleen maar regen. O ja, en windvlagen. Met als hoogtepunt van de dag: klein vrouwtje ontdekt dat er winkelwagentjes op kleine vrouwtjeshoogte zijn. Crossen!
8/7
Wat nou!
Lies, Lies roepen...
Ik ben bezig!
22/7 En toen werkte de internetverbinding niet meer... Tja. Nu weer thuis. Dag vakantie!
dinsdag, juni 5
Nieuwe bezemsMijn poets maakt best aardig schoon vind ik. En trouwens, hoeveel eisen kan je stellen aan iemand die je wc komt poetsen en je doucheputje schoon maakt? Ik ben blij iemand het doet en dat die iemand niet ik is. Als ze niet kan stuurt ze zelfs een vervangende (schoon)dochter zodat er geen week poetsen verzaakt wordt.
De afgelopen weken waren duidelijk vervanger weken. De iets anders teruggezette dingen in de vensterbank (een zonde waar ik haar nooit op betrap) getuigden ervan, maar meer nog de brandschoonheid van het huis. Verbijsterd haal ik mijn vinger over al maanden niet gereinigde oppervlakken. Op de kast. Schoon! Op de plint. Schoon! Ik betaal de onbekende vervanger een week bonus wegens overstromend enthousiasme.
Ondetussen heeft het schone heeft iets stuwends. Schone plinten! Ha! Niets staat meer in mijn weg! Nu moet ik ook die muren verven, dat bureau in een nieuwe waslaag zetten, de gordijnen wassen en zo juffrouw mier ik het hele weekend door het huis.
Lief begrijpt het niet.
Was het hele idee van de poets niet dat wij dan rust zouden hebben in het weekend?
Als de vervanger weer weg is, beloof ik.
Dan doe ik niks meer.
donderdag, mei 17
Vogeltje
Kwart voor drie de komende nacht. Dan slapen we vast allemaal. Zij, hij, ik. De hele hoeksteen.
Twee jaar geleden niet. Twee jaar geleden waren we allemaal klaarwakker.
Daarvoor, tegen middernacht, hoorde ik de scholeksters roepen.
Om kwart voor drie riep zij.
Mijn eigen bonte piet.
Al twee jaar...
Archives
mei 2005
juni 2005
juli 2005
augustus 2005
september 2005
oktober 2005
november 2005
december 2005
januari 2006
februari 2006
maart 2006
april 2006
mei 2006
juni 2006
juli 2006
augustus 2006
september 2006
oktober 2006
november 2006
december 2006
januari 2007
februari 2007
maart 2007
mei 2007
juni 2007
juli 2007
augustus 2007
september 2007
